Een onderzoek naar de condities en werking van systeemtoezicht in zes sectoren
Systeemtoezicht, het verticale toezicht waarbij de overheid gebruikmaakt van interne borgingssystemen binnen organisaties of sectoren, wordt steeds vaker genoemd als alternatief voor klassiek overheidstoezicht op uitkomsten. In deze studie wordt onderzocht hoe systeemtoezicht in de praktijk werkt en onder welke contextuele en institutionele condities het een geschikt arrangement vormt voor overheidstoezicht.
Conclusie
De geschiktheid van sectoren voor systeemtoezicht hangt samen met de afhankelijkheidsrelaties en belangenconstellaties van de actoren die betrokken zijn bij de te beheersen risico’s. Wanneer de onder toezicht gestelde een direct eigen belang heeft bij het beheersen van het risico, zoals in de luchtvaart of de delfstoffenwinning, is de kans op effectieve zelfregulering en betrouwbare interne borgingssystemen het grootst.
Er moet minimaal een zeker organiserend en zelfregulerend vermogen aanwezig zijn in een sector of organisatie om systeemtoezicht zinvol te laten zijn. In dit onderzoek is vastgesteld dat deze condities lang niet overal aanwezig zijn. Toch kan systeemtoezicht ook onder minder optimale omstandigheden waardevol zijn. In sectoren waar redelijkerwijs een organiserend vermogen verwacht mag worden, leidt systeemtoezicht in ieder geval tot een groter lerend vermogen bij zowel de onder toezicht gestelde als de toezichthouder. De belangrijkste meerwaarde van systeemtoezicht is dat het de overheid een beter inzicht geeft in de afhankelijkheidsrelaties en belangenconstellaties rondom de relevante risico’s.